Byron: een literaire reiziger

Byron: een literaire reiziger

Byron, een literaire reiziger

Joost de Vries schrijft in de Groene Amsterdammer onder de titel Toerisme is vulgair, vulgair, vulgair een essay over literaire reizigers. Het stuk begint en eindigt bij Lord Byron (en Caroline Lamb), Childe Harold’s Pilgrimage komt uitgebreid aan de orde.
Naast Byron noemt Joost de Vries ook Gustave Flaubert,
François-René de Chateaubriand en Henry James.

Een passage uit het artikel:

‘Het unieke aan Byron was dat hij de napoleontische oorlogen omzeilde, letterlijk, door om West-Europa heen te varen en in het Ottomaanse Rijk aan wal te gaan, dat in die tijd ook Griekenland en Albanië omvatte. Die reizen voedden zijn Childe Harold: voor zijn lezers in Engeland was het een vorm van escapisme, een mogelijkheid in schrift te reizen naar de warmere oorden, waar de bakermat van de westerse wereld zou liggen. En helemaal escapistisch was het niet, want Childe Harold (met ‘childe’ werd geen kind bedoeld, maar verwezen naar de middeleeuwse aanduiding voor een jonge, dolende ridder) trok door echte bestaande streken, bezocht ruïnes en oude kunstwerken die velen onder het leespubliek zelf ook konden hebben bezocht.

Met Childe Harold stuitte Byron op een literair thema. Ook in zijn volgende dramatisch-verhalende gedichten was het thema phil-helleens: op de groene heuvels waar ooit de grote denkers en veldheren Europa realiseerden, liepen nu islamitische tirannen, roversbendes, zigeunerbendes die uit waren op goud en vrouwen, messentrekkers die in woede ontstaken als ze het gevoel hadden dat hun eer werd aangetast. Byrons solitaire reizigers zagen de schoonheid van het mediterrane landschap onder het juk van de sultans en pasja’s en zagen het als hun lot die schoonheid, vaak door tot falen gedoemde missies, eer te bewijzen. Talloze schrijvers volgden zijn voorbeeld.’

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *